Korte voorstelling van een week

Iedere week lezen de kleuteronderwijzers een verhalend prentenboek en een informatief prentenboek rond hetzelfde thema twee maal voor. Uit beide boeken worden telkens drie ‘magische’ woorden geselecteerd die de kleuters zullen leren aan de hand van heldere en kindvriendelijke definities, uitdagende vragen en denkstimulerende activiteiten. De woorden worden visueel ondersteund, wat de methode erg geschikt maakt voor kleuters met een andere thuistaal.

We nemen jullie voor de eerste themaweek mee in de wereld van de honden en laten jullie kennis maken met het verhaal van Sammie, een lief hondje…

Dag 1

De kleuters maken eerst kennis met het thema: bijvoorbeeld, er komt een familielid met een hond op bezoek. Of de klaspop wil een hond.

Bij de start van de voorleesactiviteit krijgen de kleuters de ‘magische woorden’ te horen. Deze woorden worden uitgelegd aan de hand van een definitie en een prent. Vandaag leren we de woorden ‘lijn’ en ‘uitlaten’. Vervolgens mogen de kleuters de kaft van het verhaal bekijken en vertellen waarover het verhaal zou kunnen gaan. 
 

   “Over wie gaat dit verhaal?"

   "Sammie wil niet slapen, hoe lost Thomas dit op?”
   “Uitlaten betekent een eind gaan wandelen, wat is uitlaten?”
   “Heb jij een hond?”

 

Met eenvoudige vragen voor, tijdens en na het voorlezen willen we alle kleuters mee krijgen. We stellen vragen om kort te reflecteren over de inhoud van het verhaal, en vragen om de magische woorden in te oefenen. De kleuters krijgen ook de kans om eigen ervaringen te delen.

Nadien zijn er andere activiteiten waarin de kleuters het thema met hart, hoofd en handen kunnen ervaren.

Dag 2
We lezen het verhaal twee maal voor omdat herhaling essentieel is. Deze keer mogen de kleuters bij de start van de activiteit de magische woorden op de prenten zoeken. Verder krijgen ze de kans om zelf bij een aantal prenten het verhaal te vertellen. Deze actieve rol vinden ze zeer fijn! Nu krijgen de kleuters voor, tijdens en na het voorlezen meer uitdagende vragen voorgeschoteld. Ze kennen het verhaal al beter, dus de hersentjes mogen ook wat meer werken! Door deze geleidelijke opbouw in moeilijkheidsgraad wordt het verhaalbegrip stapsgewijs verdiept.

“Sammie slaapt op bed, wat vinden mama en papa daarvan?”

Naast de voorleesactiviteit is er op deze dag ook een denkgesprekje over de magische woorden om hun betekenis verder te verankeren. We gebruiken prenten als ondersteuning, en dagen de kleuters uit om te praten door een aangepaste gesprekstechniek te gebruiken, en prikkelende prenten in te lassen.

"Als je kijkt naar deze prenten, waar zie je een hond aan de lijn? Waarom? En waarom is die baby aan de lijn?"

 
 

Dag 3 en 4
Op de derde en vierde dag doen we dit allemaal opnieuw maar dan met een informatief prentenboek. Vernieuwend? Jazeker! Informatieve prentenboeken worden niet zo vaak voorgelezen in de kleuterklas. Maar heel wat kleuters houden ervan. Deze boeken zijn bovendien enorm taalrijk, bevatten uitdagende woordenschat en hebben directe linken met het echte leven. Het informatieve prentenboek biedt dan ook heel wat mogelijkheden om samen met de kleuters te reflecteren over zaken die ze in de klas hebben meegemaakt.

Wanneer we het hebben over honden, leren de kleuters alles over het leven van de hond! Met de nadruk op ‘volwassen’ honden, ‘tamme’ honden en de taken van de ‘dierenarts’! Op dag 4 diepen we deze concepten verder uit in het denkgesprek. De kleuters vergelijken bijvoorbeeld prenten met tamme en wilde konijnen, tamme en wilde honden, tamme en wilde leeuwen. Maar is die tamme leeuw wel echt tam? Mag je die zomaar aaien?

 

 

Dag 5
De allerlaatste stap is het vergelijken van de boeken.

"Is Sammie een volwassen hond, en waarom denk je dat?"

De kleuters ontdekken dat Sammie, het hondje uit het eerste verhaal, nog maar een puppy is, geen hele jonge puppy, maar ook nog niet volwassen. In het informatief boek staat gedetailleerd beschreven hoe zulke puppies eruit zien en zich gedragen. Het verhaalbegrip wordt hierdoor nogmaals verdiept. Bovendien leren de kleuters de magische woorden linken met elkaar en zien ze de woorden verschijnen in verschillende situaties. Dit is voor hen zeer verrijkend en maakt dat ze de woorden beter en langer zullen onthouden! (Trouwens, enkele weken later zullen ze zich bij een ander prentenboek afvragen of bouwvakkers altijd volwassen zijn.)

En welke rol krijgen kleuters met een taalachterstand voor het Nederlands? Zij worden telkens in een groepje apart genomen wanneer het boek voor de tweede keer verteld wordt omdat de kleuteronderwijzer dan meer aandacht kan schenken aan taalproductie en denkstimulering. En extra aandacht kunnen deze kleuters wel gebruiken.